Pensioen DGA in eigen beheer is niet langer mogelijk...

Pensioen dga in eigen beheer afgeschaft per 1 april 2017. Wat nu?

En wat wordt dan het lot van reeds in eigen beheer opgebouwde pensioenen? Voor bestaande pensioenvoorzieningen wordt de mogelijkheid geboden om deze in 2017 - 2018 - 2019 af te stempelen naar de fiscale waarde. Daardoor verdwijnt de dividendklem en is er in zoverre geen belemmering meer voor het uitkeren van dividend. Direct na afstempeling moet het het pensioen worden afgekocht (met korting) of worden omgezet in een spaarvariant bij de eigen B.V.  'oudedagsverplichting' (ODV).

Deze DGA’s profiteren ten opzichte van de bestaande regels van een forse tegemoetkoming in de loonbelasting door over het verschil tussen de werkelijke waarde van het pensioen en de (afgeknepen) fiscale waarde geen loonbelasting (max. 52%) en ook geen revisierente (20%) verschuldigd te zijn. Het is niet verplicht om gebruik te maken van deze mogelijkheden; de reeds opgebouwde pensioenrechten mogen 'pensioen' blijven en in eigen beheer worden aangehouden.

Met ingang van 1 april 2017 zijn er derhalve 3 keuzemogelijkheden:

  1. Afstempelen naar fiscale waarde + afkoop van het pensioen.
  2. Afstempen naar fiscale waarde + omzetting in oudedagsverplichting bij de eigen B.V).
  3. Handhaven van het 'pensioen in eigen beheer'.

Welke keuze het voordeligste is, is niet in zijn algemeenheid te zeggen. Dat moet per DGA worden afgewogen en berekend!

Keuzemogelijkheden 1 en 2 behoeven schriftelijke goedkeuring van de partner. De gemaakte keuze moet binnen een maand na de dag van afkoop/omzetting middels een formulier aan de Belastingdienst worden gemeld onder opgave van de fiscale en werkelijke ('commerciële') waarde(n) van de pensioenvoorziening.

Het heeft lang geduurd voordat de minister enige duidelijkheid heeft verschaft over de positie van de partner, eventuele schenking door de partner bij medewerking aan afstempelen en het moment van en de wijze van compensatie van de partner voor het opgeven van rechten op het (partner)pensioen. Op dit vlak bestaat helaas nog altijd geen volledige duidelijkheid. 

De soep lijkt zoals zo vaak minder heet dan wanneer ze werd opgediend. Zo is inmiddels duidelijk dat in gemeenschap van goederen gehuwden het het makkelijkst hebben (geen compensatie van de partner nodig). Bij gehuwden onder huwelijkse voorwaarden is de inhoud van de voorwaarden bepalend voor de vraag of compensatie van de partner nodig is om 'schenking' te voorkomen.

Als compensatie nodig is, zijn partners vrij om te bepalen hoe ze dat doen. De compensatie kan bijvoorbeeld gezocht worden in (of een combinatie van) een wijziging van de huwelijksvoorwaarden, door (bij keuze voor afkoop) de afkoopsom te delen, een partnerpensioen te verzekeren bij een verzekeraar, een overlijdensrisicoverzekering te sluiten of door af te spreken dat in voorkomend geval (echtscheiding) compensatie zal plaatsvinden (voorwaardelijke compensatie). Helaas is de partnerproblematiek - ondanks de vele vragen die zijn gesteld - voor een aantal situaties nog niet duidelijk toegelicht.

Voor DGA's die voor afkoop (=uitkering ineens) kiezen geldt een korting op de grondslag van 34,5% (bij afkoop in 2017, na 31 maart), 25% (2018), 19,5% (2019), waarbij voor de berekening van de korting wordt aangesloten bij de pensioenvoorziening per 31 december 2015 (om anticipatie te voorkomen). Bij een korting van 34,5% op het hoogste tarief van 52% bedraagt de effectieve druk 34%. Tijdens de behandeling van het wetsvoorstel door de Eerste Kamer heeft staatssecretaris Wiebes aangegeven dat voor afkoop van het pensioen geen medische waarborgen door de B.V. hoeven worden gevraagd.

N.B. Het is zeer onverstandig om het pensioen af te kopen voordat de Wet Uitfasering van pensioen in eigen beheer in werking is getreden. Er zal dan sprake zijn van heffing van loonbelasting (max. 52%), vermeerderd met revisierente (20%) over de werkelijke waarde van het pensioen, zonder korting op de heffingsgrondslag.

Bij keuze voor de oudedagsverplichting wordt de bestaande waarde van de pensioenvoorziening omgezet in de voorziening voor oudedagssparen in eigen beheer en vervolgens jaarlijks tot aan de pensioendatum vermeerderd met een bescheiden rente ("u-rendement"). Vanaf de pensioendatum zal de B.V. vervolgens uitkeringen doen met een looptijd van 20 jaar.

De uitkering in het eerste jaar bedraagt 1/20 van het bedrag van de oudedagsverplichting. In het tweede jaar wordt - rekeninghoudend met afname van de verplichting met het in het voorafgaande jaar uitgekeerde bedrag en met toename door optellen van het u-rendement - de uitkering gesteld op 1/19, etc. De uitkeringen mogen maximaal 5 jaar eerder ingaan dan op de pensioendatum, maar dan moet de uitkeringsperiode met een gelijk aantal jaren worden verlengd.

Ook DGA's met een reeds ingegaan pensioen in eigen beheer kunnen voor omzetting in de oudedagsverplichting kiezen, hetgeen vaak tot een lagere pensioenuitkering zal leiden (en ruimere mogelijkheden tot dividenduitkering). 

Dit zal voor veel DGA's waar keuze voor afkoop niet mogelijk/gunstig is een goede keuze zijn. Het maken van deze keuze behoeft goedkeuring van de partner (hetgeen in bepaalde gevallen een belemmering zal blijken).

N.B. De oudedagsverplichting kan op elk moment geheel of gedeeltelijk worden afgestort naar een lijfrente bij een bank, verzekeraar of (nieuw m.i.v. 2017) beleggingsinstelling.

Wanneer niet gekozen wordt (dan wel niet gekozen kan worden, bijvoorbeeld in verband met de partnerproblematiek) voor afkoop van het pensioen of voor omzetting in de oudedagsverplichting betekent dat de handhaving van het reeds opgebouwde (bevroren) pensioen in eigen beheer volgens de regels per 31 maart 2017.

Verdere opbouw van pensioenrechten in eigen beheer is niet mogelijk met ingang van 1 april 2017, waarbij nog wel een coulance-termijn van 3 maanden geldt (eindigend per 1 juli 2017!!). Wel zal jaarlijks de pensioenvoorziening tot aan de pensioendatum nog actuarieel oprenten, dus jaarlijks wat toenemen als gevolg van het dichterbij de pensioendatum komen en eventuele indexatie van opgebouwde pensioenrechten. Er is jaarlijks een actuariele pensioenbetekening nodig. De pensioenklem blijft bestaan. Voor reeds ingegane pensioen in eigen beheer geldt dat de uitkering niet wijzigt als gevolg van de wetswijziging.

Deze variant is denkbaar bij DGA's die naar een zo hoog mogelijke pensioenuitkering streven en de dividendklem - die in stand blijft - geen belemmering vormt voor dividenduitkeringen. En deze variant zal - tegen wil en dank van de DGA - aan de orde zijn als de (ex-)echtgenote niet meewerkt aan afkoop of omzetting in oudedagsverplichting.

Er zijn voor de DGA diverse mogelijkheden om te voorzien in de oudedag. Ik noem:

  • niet meer opbouwen
  • opbouwen via een lijfrenteverzekering/lijfrentesparen/lijfrente-beleggen bij een bank, verzekeraar of beleggingsinstelling
  • sparen of beleggen uit netto-loon of dividend (fiscaal in box 3) 
  • in de B.V. sparen (fiscaal box 2), en t.z.t. (deels) gaan leven van dividend; deze mogelijkheid noemt Staatssecretaris Wiebes 'netto-sparen'
  • een pensioenverzekering starten bij een verzekeraar
  • zorgen voor aflossing van de hypotheek (lage woonlasten tijdens pensionering)

De verschillende keuzemogelijkheden kennen verschillende fiscale aspecten, waarbij in de afweging rekening moet worden gehouden.

Rekenhulpen

Maak rustig gebruik van deze handige rekenmodules! Bijvoorbeeld:

Rekenhulpen - Oudedagsvoorziening

Hebt u in een jaar premies betaald of stortingen gedaan voor lijfrente?

Met deze rekenhulp berekent u hoeveel betaalde lijfrentepremies en inleg u maximaal mag aftrekken in uw aangifte inkomstenbelasting. 

Houd bij het invullen een aantal documenten bij de hand. Dit zijn documenten over het jaar voorafgaand aan het jaar van aangifte. Doet u bijvoorbeeld aangifte over 2015? Houd dan de gegevens van 2014 bij de hand.

Om uw jaarruimte te berekenen, hebt u de volgende gegevens nodig: uw aangifteformulier of een afdruk van uw digitale aangifte uw inkomensgegevens als u in loondienst was of zelf vrijwillig pensioenpremies betaalde: de opgaaf van uw pensioenaangroei die u van het pensioenfonds of de pensioenverzekeraar hebt gekregen.

Wilt u ook uw reserveringsruimte berekenen? (Dit is het niet-benutte deel van de jaarruimtes voor de lijfrentepremieaftrek uit de afgelopen 7 jaar, dat u alsnog geheel of gedeeltelijk kunt gebruiken als u meer premie in aftrek wilt brengen dan u aan jaarruimte hebt.) Dan hebt u ook de gegevens nodig over uw inkomen en uw eventuele pensioenopbouw in de afgelopen 8 jaar.

 

 

Met deze rekenhulp rekent u uit of u minder revisierente kunt betalen.

Normaal gesproken betaalt u 20% van de waarde in het economisch verkeer van een lijfrenteverzekering of van het tegoed van een lijfrentespaarrekening of lijfrentebeleggingsrecht.

Is de uitkomst van de berekening lager dan 20% van de waarde in het economisch verkeer? Dan geldt voor u het lagere bedrag.

 

 

Kabinet beraadt zich op vernieuwing pensioenstelsel

Een akkoord met sociale partners over de vernieuwing van het pensioenstelsel is nu niet mogelijk. De gesprekken binnen de SER en tussen het kabinet en sociale partners hebben niet tot overeenstemming geleid. Het kabinet beraadt zich nu op het vervol...

Per 1 januari 2019 vervallen heel kleine pensioenen

Vanaf 1 januari 2019 vervallen heel kleine pensioenen. Dit zijn pensioenen van € 2 of minder bruto per jaar. Dat mag op grond van nieuwe regels omdat de administratiekosten voor deze heel kleine pensioenen erg hoog zijn.

Koolmees wil meer vrouwen en jongeren in pensioenbesturen

Minister Koolmees van SZW wil dat er meer vrouwen en jongeren zitting krijgen in de besturen van pensioenfondsen. Dit schrijft hij in een brief aan de Tweede Kamer over diverse pensioenonderwerpen.

Pensioenoverzicht gaat ook mee- en tegenvallers tonen

Iedereen die pensioen opbouwt, krijgt vanaf volgend jaar september beter inzicht in de hoogte van de pensioenuitbetaling die hij of zij later kan verwachten. Op mijnpensioenoverzicht.nl worden drie verschillende bedragen toegevoegd; deze zijn bereke...

Internetconsultatie wetsvoorstel Verzamelwet Pensioenen 2019

Op internet is het concept van het wetsvoorstel Verzamelwet Pensioenen 2019 gepubliceerd.